Van oudsher is het platte dak een vlak geweest waarop men zich kon begeven; het betreft als het ware een verdiepingsvloer.

In Nederland is tot aan de 80er jaren van de vorige eeuw de teermastiek dakbedekking op platte daken het meest toegepast. Vanwege de materiaal eigenschappen van teermastiek dakbedekking werd deze dakbedekking los op het dak geplaatst en tegen afwaaien voorzien van een ballastlaag van (meestal) grof grind. Teermastiek dakbedekking was als gevolg van de materiaal- eigenschappen gevoelig voor (mechanische) beschadigingen waardoor onderhavige daken geen andere functies hadden.

Met name in de industriegebieden waar grotere overspanningen van daken werden gevraagd verviel de zware geballaste dakbedekking en werden vanaf de 60er jaren in de vorige eeuw sterkere dakbedekkingsmaterialen ontwikkeld met bitumen als basis grondstof. Deze sterkere dakbedekkingsmaterialen werden bevestigd aan de ondergrond (dakvloer) waardoor ballast niet meer nodig was.

Verdere ontwikkeling van de dakbedekkingsmaterialen leidde in de 70er en 80er jaren van de vorige eeuw tot de huidige generaties gemodificeerde bitumen dakbedekking en kunststof dakbedekking. De principes van dakbedekkingen op het platte dak zijn in wezen niet veel veranderd alhoewel twee zware stormen in 1990 hebben geleid tot aanpassing van de bevestigingseisen voor dakbedekkingsconstructies.

Vooral de laatste jaren zijn ontwikkelingen ingezet het platte dak tevens te benutten als dakterras of daktuin, als parkeerdak en als winplaats van energie met behulp van zonnepanelen en/of (kleine) windturbines. Meer recent zijn ideeën aangaande de beheersing van regenwater op het dak zodat daarmede invloed kan worden uitgeoefend op al het benodigde drink-,spoel- en beregeningswater.

In de huidige tijd van milieu verantwoordelijkheid lijken de ontwikkelingen niet stil te staan en zal u vanaf onze site in de toekomst meer nieuws daarover mogen verwachten.